digiTaalhuis Katwijk: 'Houd het dicht bij de mensen'

Interview met Monique Kromhout, specialist geletterdheid en basisvaardigheden, en Chris, vrijwilliger

Katwijk: een bruisend Taalhuis


‘De hele wereld zit hier aan tafel’, zegt Chris enthousiast: ‘in Katwijk!’ Chris is een van de vrijwilligers die mensen helpen om Nederlands te leren. Het gonst in de bibliotheek van de activiteiten, want meer dan 40 mensen uit alle windstreken oefenen het spreken van Nederlands. Ze zijn verdeeld over drie tafels. Samen met een collega-vrijwilliger begeleidt Chris één van deze leeskringen, de groep van ietwat gevorderden. De groep hangt aan zijn lippen als hij iets uitlegt voor het whiteboard.

Dicht bij de mensen

De Taalhuismiddag heeft een vaste agenda: de leeskringen zijn het eerste deel van de wekelijkse bijeenkomst. Daarna schaart men zich rond de grootste tafel voor een gezamenlijk kopje koffie of thee. Daarna volgt het sprekersgedeelte: elke week wordt een gast uitgenodigd om iets te vertellen. ‘De brandweerman deed het helemaal fantastisch!’, herinnert Monique zich. ‘Hij had zijn pak aan en hij had de brandweerspuit bij zich. Dat was natuurlijk super. Het werkt als je het zo dicht mogelijk bij de mensen houdt.’

Teamwerk

Als een geoliede machine bereidt het team de gezamenlijke koffie voor. In een mum van tijd zijn alle klapstoelen rond de tafel gezet en zijn alle bezoekers voorzien van koffie en koek. Iedereen helpt mee, iedereen helpt elkaar, iedereen levert een bijdrage om de bijeenkomst goed te laten verlopen: de bezoeker zelf, de spreker, vrijwilligers, bibliotheekmedewerkers, de vrijwilliger die de catering verzorgt, de stagiair. De stagiair schenkt ook koffie aan andere bibliotheekbezoekers. Monique legt uit: ‘Iedereen is welkom in het Taalhuis. We proberen ook de bezoekers van de bibliotheek erbij te betrekken. Daar zijn al veel vrijwilligers uit voortgekomen.’

Samen leren – ondanks alle verschillen


Het thema is deze keer best moeilijk: de elektricien is te gast. Iemand schrijft de lastige woorden op de flipover mee. Na afloop ontvangt iedereen een woordenlijstje met verklarend beeldmateriaal. In de verzamelmap worden alle lijsten opgeborgen, zo ontstaat een flinke vocabulaire, handzaam gebundeld. De luisteraars stellen vragen aan de spreker. De inhoud van de vragen maakt duidelijk hoe groot de verschillen zijn wat betreft de achtergrond van de bezoekers. En toch: leren doet men hier samen – en met veel plezier.

Genieten én de taal leren

Na het kopje koffie gaan de deelnemers uiteen in drie groepen: men praat door over het gehoorde en oefent met de nieuwe woorden. En de tijd vliegt, het is alweer afgelopen. Het team ruimt op, bezoekers maken nog een praatje met de Taalhuiscoördinator, en een enkeling heeft nog een privé-afspraak om verder te oefenen.Een Aziatische vrouw antwoordt op de vraag waarom ze naar de bibliotheek komt met een glimlach: ‘Het is genieten hier’, zegt ze. Maar ook: ‘Taal leren, spreken.’ Zij gaat weg met een geleend boekje om thuis verder te oefenen.

Iedereen leert ervan

Ook Chris geniet. Hij is een toegewijde vrijwilliger die zijn materiaal met veel kennis en zorg voorbereidt. Hij vindt het inspirerend en leerzaam om betrokken te zijn bij het taalcafé. Naar aanleiding van het thema ‘elektriciteit’ zijn aan tafel interessante gesprekken ontstaan, bijvoorbeeld over elektrische vissen en het opwekken van elektriciteit.Chris glundert: ‘Ik weet nu dat men in Bolivia stroom opwekt met bananenschillen!’ En hij voegt eraan toe: ‘Wij leren er zelf ook veel van. De leerervaring wederkerig. Het leren gebeurt spelenderwijs, vanuit nieuwsgierigheid naar elkaar en naar andere culturen. Chris beklemtoont: ‘Dit is non-formeel leren. Velen combineren dat met formeel onderwijs om de taal snel te leren. Sommigen gaan naar de universiteit.’

Het taalhuis is een schatkamer

Monique is blij met de toeloop uit alle windstreken: ‘De bibliotheek is een schatkamer. En daar mag je helemaal gratis uit putten!’ Het succes heeft ook zijn nadelen: ‘Je hebt hier altijd van alles tekort.’Er zijn computers met oefenprogramma’s en binnenkort komen er hopelijk ook iPads met taalapps en taaloefenprogramma’s. Bezoekers kunnen hier hun digitale vaardigheden verbeteren via cursussen. Die worden in het Taalhuis gegeven.Regelmatig is er een coach aanwezig die helpt: met het inloggen, met het gebruik van de programma’s, noem maar op. De combinatie van een stabiele infrastructuur, een goede collectie, kennis bij medewerkers en vrijwilligers, en een passend aanbod voor bezoekers, dat alles bij elkaar zorgt in Katwijk voor het succes van het Taalhuis.

En misschien is de belangrijkste succesfactor wel een uitstekend voorbereid, open en enthousiast team: iedereen probeert er iets leuks van te maken voor de bezoekers.Monique: ‘Het komt dus uit de vrijwilligers. Zij voeren het uit, ze doen het, ze organiseren het.’ Dat is puur goud.

31 oktober 2016