De succesvolle gezinsaanpak van Waalwijk Taalrijk

Veel organisaties werken sinds 2016 samen in Waalwijk Taalrijk, met als doel: grotere functionele geletterdheid bij ouders én kinderen van nul tot achttien. Els Klerkx (l), beleidsmedewerker Gemeente Waalwijk, Dulcie Koevoets (r), sociaal werker ContourdeTwern, en Ank Joosen, relatiemanager de Bibliotheek Midden-Brabant belichten het programma.

Het programma omvat drie thema's:

  • Taal - Woordenschat
  • Leesplezier
  • Educatief partnerschap met ouders

De kern is dat alle organisaties samenhangende activiteiten ontplooien. Hierdoor komen laagtaalvaardige ouders steeds met het programma in aanraking. Dat verlaagt de drempel.

Leesplezier
De Bibliotheek Midden-Brabant coördineert het thema Leesplezier. Ank: 'Dat start met een leesconsulent bij het consultatiebureau: deze BoekStart-coach zorgt voor boeken, interactief voorlezen en praat met jonge ouders.
Aan elke school is een leesconsulent gekoppeld die aansluit bij waar de school al mee bezig is. Deze ondersteunt ook kinderen, ouders en leerkrachten die iets extra's nodig hebben.'
Els: 'Verder zetten we de Verteltas in. Tijdens boekproeverijen toont de leesconsulent de nieuwste boeken waaruit ouders kunnen kiezen. Zo sluit je aan bij wat past bij kinderen van deze tijd. Dat werkt zeker voor de groep die lezen saai vindt. Boekproeverijen zijn er voor nul tot achttien. Alle Waalwijkse scholen werken aan leesplezier, passend bij hun onderwijsaanbod.
De Bibliotheek is overal aanwezig, bijvoorbeeld bij open dagen op de (voor)scholen. De consulent 0-18 deelt expertise, helpt het programma invullen en nodigt ouders en kinderen uit tot Bibliotheekbezoek.'

Ank Joosen

Samenwerking
Partners zijn onder meer GGD, welzijnswerk, kinderopvang, scholen voor basis- en voortgezet onderwijs, Bibliotheek, Taalhuis Waalwijk en gemeente. De Bibliotheek werkt eraan om vanuit het Taalhuis ook werkgevers als partners te betrekken.
Els: 'We overleggen in de wijk, met directies van onderwijs en kinderopvang; Waalwijk telt zeven wijkclusters. Ook coördinatoren - afgevaardigden vanuit partners - en gemeente overleggen geregeld. Verder is de jaarlijkse inspiratiebijeenkomst in vier jaar gegroeid naar ruim 200 deelnemers, vooral professionals.'

Succesfactoren
Els: 'Samenwerking is essentieel: hierdoor ken je elkaars vakgebied en kun je ouder en kind direct helpen en eventueel doorverwijzen. We maken concrete afspraken, zorgen voor een warme overdracht naar leesconsulent of Bibliotheek.
Ouders zien zoveel mogelijk dezelfde mensen. De BoekStart-coach is de leesconsulent die ouders en kinderen tegenkomt in de (voor)school en de Bibliotheek. Ook de vaste leesconsulent op school maakt het herkenbaar. We komen niet allemaal apart bij de ouders aan.'
Dulcie: 'Door de soepele samenwerking ontstaat beweging. Als iets niet werkt, kun je meteen stoppen. We vragen ons af “wat werkt wel” en bespreken dan "hoe verder".'
Ank: 'Zo ook bij Scoor een Boek!. In korte tijd was het maximum van veertien groepen bereikt. Voor alles geldt: we stimuleren en creëren mogelijkheden voor meer leesplezier voor kind en ouder. We bieden het aan als een cadeautje, niet als verplichting.'

Els Klerkx en Dulcie Koevoets  

Educatief partnerschap met ouders
Dulcie: 'Het bereik gaat vooral goed door de samenwerking met scholen. Daarnaast trainen we de (nu 22) vrijwilligers van Thuis Ondersteuning met Vrijwilligers (TOV) rond ouderpartnerschap. De meesten doen dit al jaren. Verder biedt het Taalhuis - dat zich richt op volwassenen - activiteiten voor ouders.'
Els: 'Bij Taal voor Thuis en TOV kijken getrainde vrijwilligers naar behoeften van ouder en kind. Zij komen een- of tweewekelijks bij mensen thuis. Door spel met kind en ouder laten vrijwilligers zien hoe ouders hun kind kunnen stimuleren op verschillende gebieden, waaronder taal: hoe zij kunnen voorlezen, met hun kind praten en spelletjes doen in de dagelijkse gezinssituatie. Ook maken zij thema’s rond opvoeding en taal bespreekbaar.'
Dulcie: 'We bereiken vanuit Waalwijk Taalrijk met TOV nu al 150 gezinnen per jaar. Door de contacten van partners hebben we de meeste ouders in beeld. In de basisschool wordt voor zo'n 180 kleuters Taalimpuls georganiseerd.'
Els: 'Als professionals constateren dat zij ouders missen, kijken zij met wie deze ouders wel contact hebben. En proberen zij via die partner in gesprek te komen. Elke ouder wil het beste voor zijn kind. Als je de ondersteuning dicht bij het gezin houdt en passend bij het kind, verlaag je de drempel om mee te doen.'

Effecten
Ank: 'We meten jaarlijks de resultaten. Het programma met de pijler Leesplezier bestaat pas drie jaar, maar we zien al vooruitgang. Ook de vo-scholen zijn er blij mee. Zaakvakken zijn taliger geworden en met aandacht voor leesplezier werken we onder meer aan woordenschat en zinsbeeld. Kinderen hebben steeds vaker boeken mee en lezen die ook. De basisscholen zien positieve resultaten in de monitor, ook bijvoorbeeld vanuit Scoor een Boek!.'
Els: 'Vanuit de gemeente is de intentie om dit voort te zetten. Pas na meer jaren kun je verschillen zien. We organiseren trainingen en bijeenkomsten, waar we ophalen, delen en stappen maken. Steeds meer professionals omarmen het programma. We willen de voortgang van Waalwijk Taalrijk borgen. Het mag niet afhangen van één persoon in een organisatie.'
Dulcie: 'Ik vind het inspirerend om écht te durven samenwerken: we vullen elkaar goed aan. Dat zorgt voor een positieve werkrelatie, nieuwe ideeën, én dat we ouders kunnen vinden. Vanuit gelijkwaardigheid in gesprek met ouders over wensen en verwachtingen over ontwikkeling van hun kind. Daar worden we allemaal blij van.'

Suggesties
Dulcie: 'Maatwerk is belangrijk. Je kunt kant-en-klare projecten aanbieden, maar durf flexibel te zijn, dat werkt beter. Blijf meedenken over het brede terrein. Dit kan, omdat je elkaar vaak ontmoet. De boodschap is: "neem ons mee" en pak je rol.'
Els: 'Soms wil een partner even minder meedoen. Geef dan niet op, maar blijf in contact en zoek kansen. Bij ons is de gemeentebrede samenwerking vastgelegd. Leesplezier is belangrijk, met een uitvoeringsprogramma voor meer jaren, met cofinanciering. De organisaties doen dit niet erbij, maar als onderdeel van. Is geld een probleem, bespreek dan mogelijke oplossingen. En deel vooral de successen.'