Taal

Niet goed kunnen lezen, schrijven en rekenen heeft grote impact op je leven. In Nederland hebben 2,5 miljoen mensen vanaf 16 jaar hier moeite mee. Dat is ongeveer één op de zes mensen, van wie meer dan de helft van Nederlandse afkomst is. De groep 16- tot 65-jarigen binnen deze groep telt 1,8 miljoen mensen.

Mensen die niet voldoende kunnen lezen, schrijven en rekenen ervaren dagelijks problemen met zaken als reizen per openbaar vervoer, voorlezen aan kinderen, pinnen en digitaal betalen, computeren, informatie begrijpen die belangrijk is voor gezondheid, en formulieren invullen.
Onderzoek toont dat de gevolgen groot zijn voor de mensen zelf, en voor (de kosten voor) de samenleving als geheel. Laaggeletterden zijn vaker (langdurig) arm dan geletterden, hebben vaker schulden, gezondheids­problemen, en ze hebben meer moeite om werk te vinden en te houden.
De cijfers verschillen flink per gemeente.
Op Bibliotheekinzicht.nl vind je meer achtergrond, onderzoeken en cijfers.

Doelgroepen

  • mensen die Nederlands als moedertaal hebben (NT1), maar die moeite hebben met lezen en schrijven. Deze groep is verder onder te verdelen in persona's.
  • mensen die Nederlands als tweede taal leren (NT2)

De rol van de Bibliotheek

Bestrijden

Vrijwel alle bibliotheken bieden producten of diensten aan rond taalvaardigheid en digitale vaardigheden. Taalhuizen zijn inmiddels een onlosmakelijk onderdeel van het bibliotheekaanbod geworden. Ze bieden intensieve begeleiding in taal-, reken- en digitale vaardigheden om (taal)achterstanden bij volwassenen te bestrijden. Schaamte maakt laaggeletterden lastig te bereiken. Taalhuizen proberen het taboe te doorbreken.
Zie ook het overzicht van taalhuizen en taalpunten (eerste kwartaal 2019).

Voorkomen
Achterstanden bij de jeugd voorkomen, gebeurt vooral binnen het programma Kunst van Lezen. Bibliotheken richten zich met het programma BoekStart op baby’s en jonge ouders. Met de Bibliotheek op school ondersteunen zij het basis- en voortgezet onderwijs. De VoorleesExpress stimuleert laagopgeleide ouders en hun opgroeiende kinderen in de taalontwikkeling.
Bibliotheken werken zodoende steeds meer aan een gezinsaanpak om de cyclus van laaggeletterdheid te doorbreken.

Programmering

Samenwerkingspartners

Om laaggeletterden beter te kunnen bereiken en verder te helpen, is samenwerking noodzakelijk. Dat geldt zeker voor de gemeente en Stichting Lezen & Schrijven. En daarnaast voor lokale partners, zeker de organisaties die al wel contact hebben met de doelgroep. Veel bibliotheken werken samen met onder meer Welzijnswerk, beroepsonderwijs, Vluchtelingenwerk, ROC’s, private taalaanbieders en lokale vrijwilligersorganisaties.

Voorbeelden van collega’s

Bronnen