Leven Lang Ontwikkelen

De overheid wil het voor volwassenen met maximaal een mbo-diploma aantrekkelijker en bereikbaarder maken om zich te blijven ontwikkelen. Ook bibliotheken zijn hierbij betrokken.

De Inloopschool
Een van de initiatieven op het gebied van Leven Lang Ontwikkelen (LLO) is de inloopschool, een laagdrempelige leeromgeving voor mensen met een opleidingsniveau tot mbo4. 'Inloopschool’ is de werktitel van een buurtvoorziening voor deze volwassenen om (verder) te leren.  

De inloopschool draait om leren in brede zin, met een focus op non-formeel en informeel leren. Volwassenen kunnen er dingen te leren waaraan zij zelf behoefte hebben. Dit is breder dan basisvaardigheden; het kan ook gaan om vak- en computervaardigheden, een vreemde taal, en sociale of praktische vaardigheden gericht op maatschappelijke participatie en arbeidsdeelname. De trajecten en cursussen zijn flexibel te starten en stoppen.
Deelnemers kunnen ook van elkaar leren: een cursist kan tevens coach zijn van iemand anders. Daarnaast kunnen deelnemers leren met en van vrijwilligers en/of professionals.
Leervormen variëren en kunnen combinaties zijn van afstandsleren en fysiek onderwijs: samen, alleen, met een vrijwilliger in een klas, uit een boek, in de praktijk, meelopen met vakmensen, ervarend leren of online.

Pilots
Verschillende concepten voor de inloopschool worden in pilotvorm onderzocht door:

  • de bibliotheken NOBB
  • Bibliotheek Rijn en Venen
  • Bibliotheek Aan den IJssel
  • Bibliocenter Weert
  • Bibliotheek Hoogeveen

Deze bibliotheken hebben medio december 2019 ieder een projectplan ingediend en (via de KB) van het ministerie van OCW subsidie gekregen. De bibliotheken werken lokaal samen met partners aan hun 'inloopschool-concept' en de aanpakken verschillen. Zo gaat Rijn en Venen aan de slag met een pop-up Talentenbar, die op basis van talentengesprekken activiteiten en cursussen gaat ontwikkelen. En werkt Hoogeveen aan een 'ondernemersacademie' voor jonge mbo'ers. Alle concepten worden met de doelgroep mbo uitgewerkt en lopen tot eind 2020.

Doelen van de pilots zijn om inzicht te krijgen in:

  • Manieren waarop zo'n voorziening vorm kan krijgen, waarbij maximaal wordt aangesloten op bestaand aanbod en de bestaande lokale en regionale infrastructuur
  • De mate waarin de voorziening aansluit op de behoeften van de doelgroep
  • Manieren om de doelgroep te bereiken en enthousiast te maken om de voorziening te gebruiken
  • Inzicht te krijgen in de noodzakelijke randvoorwaarden (organisatorisch, inhoudelijk, financieel)

Onderzoek en kennisdeling
Vanuit de KB onderzoeken we wat wel en niet succesvol is: bereik, manier van benaderen, leervormen, businessmodel, en impact en resultaat. Met de branche delen we of en hoe het concept Inloopschool ‘overdraagbaar’ gemaakt kan worden. De landelijke groep Persoonlijke ontwikkeling / Leven Lang Leren van SPN is aangehaakt, omdat het project raakvlakken heeft met zowel Basisvaardigheden als Persoonlijke ontwikkeling.
Je wordt op de hoogte gehouden van het verloop, de ervaringen en de kansen voor opschaling. Een artikel in BibliotheekBlad staat gepland, een Biebtobieb-groep is in de maak en ook op conferenties willen we de ervaringen delen.

Achtergrond LLO
In september 2018 zonden de ministers van OCW en SZW een brief over Leven Lang Ontwikkelen naar de Kamer. OCW geeft via diverse activiteiten gevolg aan de Kamerbrief, bijvoorbeeld door focusgroepen te organiseren met de doelgroep, om samen te bepalen hoe een voorziening voor LLO eruit zou kunnen zien. In dit Leven Lang Leren Lab hebben zo'n honderd volwassenen met maximaal een mbo-diploma voorstellen gedaan om een leven lang ontwikkelen aantrekkelijker en beter bereikbaar te maken. De inloopschool is hier een van.

Meer informatie
Georges Elissen, KB/Rijnbrink